Home » Kinderen » Wanneer mag ik weer naar oma?

Wanneer mag ik weer naar oma?

Thuis staat tijdelijk alles op zijn kop. Gelukkig is er de warme schoot van oma en opa. Onderschat hun rol niet. Grootouders kunnen hun kleinkinderen enorm tot steun zijn tijdens en na een echtscheiding.

Wanneer ga ik weer naar oma? Mijn zoontje vraagt het me standaard als ik hem kom ophalen bij oma en opa waar hij wekelijks een nachtje logeert. Eenmaal in de auto zwaait hij naar zijn oma alsof zijn leven er vanaf hangt. Mijn moeder zwaait terug in de deuropening. Ze heeft haar ochtendjas nog aan. De tijd aan zichzelf hebben ze net een uur aan de ontbijttafel gezeten, zij, opa en Jochem. Ik snap hem wel, die kleine man van me… bij oma is er rust. In ieder geval meer rust dan bij zijn moeder, die van hot naar her vliegt. Van school naar werk. Van werk naar school en tussendoor nog even snel boodschappen doen. Zes jaar geleden ben ik gescheiden. Jochem was toen twee jaar. Zeker in de beginperiode was ik dolgelukkig met de steun die ik van mijn ouders kreeg, alleen zie ik nu dat het allemaal een beetje veel wordt voor mijn ouders. Ze zijn met hun 74  en 78 jaar natuurlijk ook de jongste niet meer.

Zorgtaken
Na een scheiding zie je vaak twee categorieën grootouders ontstaan’, vertelt familietherapeute Else-Marie van den Eerenbeemt. ‘Grootouders die hun kleinkinderen uit het oog verliezen, vaak de ouders van de vader, en grootouders die hun kleinkinderen meer zien dan ooit, vaak de ouders van de moeder. In het laatste geval worden die grootouders niet zelden belast, zeg maar gerust overbelast, met allerlei zorgtaken. Ze rennen van het hockeyveld naar het zwembad en van het schoolplein naar de speelafspraak van hun kleinkinderen.’ Let erop dat het niet te veel uit de hand loopt, wil Van den Eerenbeemt feitelijk zeggen. De zorg dient wel ‘passend’ te blijven, binnen de grenzen wat grootouders willen en kunnen. Voor de rest is ze er juist een groot voorstander van dat kinderen van gescheiden ouders hun grootouders regelmatig zien. ‘Bij oma en opa krijgen ze de ruimte even vrij te zijn van de problemen thuis. Ze vinden er rust. Kinderen vinden het ook prettig om deel uit te maken van een groter geheel. Zeker kinderen van gescheiden ouders, die vaak breuk op breuk ervaren. Contact met familie van beide kanten geeft ze een gevoel van ‘heel’ zijn.’

Hoezo machteloos?
Helaas verdwijnen grootouders na een scheiding nog wel eens uit beeld, met name die van vaderskant. Bijzonder treurig, aldus van den Eerenbeemt:  ‘Soms mogen kinderen hun oma en opa niet meer zien, maar wie moeten ze dan vertrouwen, de juf op school?’ Van den Eerenbeemt noemt het een vorm van kindermishandeling als grootouders hun kleinkinderen niet meer mogen zien. Volgens haar moet er altijd contact mogelijk zijn. ‘Mogen kinderen niet vrij met de afwezige ouder en oma en opa,  communiceren en omgaan, dan kunnen er zich allerlei klachten voordoen. Jonge kinderen gaan meer huilen, worden midden in de nacht wakker, soms wel vijf keer of gaan weer bedplassen. Oudere kinderen gaan spijbelen van school of keren in zichzelf. Dit komt meer voor als kinderen bij de ruzies tussen de ouders worden betrokken. Het is heel belangrijk het contact open te houden. De mobiele telefoon is wat dat betreft een zegen voor kinderen van gescheiden ouders. Andersom adviseer ik grootouders ongehoorzaam te zijn. Ga gewoon wél naar het afzwemmen van je kleinkind, mits het voor het kind niet al te veel schade oplevert natuurlijk. Maar blijf dan wel kaarten en ballonnen sturen met verjaardagen. Laat zien dat je aan ze denkt! Soms worden de cadeaus weer teruggestuurd, open in dat geval een spaarrekening voor je kleinkinderen. En zet daarop: voor je tiende verjaardag, van oma en opa. Kinderen komen er dan op latere leeftijd achter dat oma en opa wél van ze hield. In uiterste gevallen kun je ook een omgangsregeling juridisch aanvechten. Je hebt als grootouder gewoon recht je kleinkinderen te zien. Dat staat in het wetboek. Ik heb een advocaat die ik regelmatig bijsta in dit soort gevallen.’

FamiliegevoelKindepsycholoog Marijke Sikkel, die samen met haar dochter het boek ‘Als je Kind gaat scheiden’ schreef, is net als Van den Eerenbeemt van mening dat grootouders hun kleinkinderen enorm tot steun kunnen zijn. ‘Als ouder heb je tijdens de echtscheidingsperiode niet altijd even goed zicht op wat er in je kind(eren) omgaat. In hun rol van grootouders kunnen oma en opa, als derde partij, iets meer afstand nemen en zodoende niet alleen hun kinderen, maar ook hun kleinkinderen beter tot steun zijn. Daarbij bieden oma en opa een veilige omgeving in een periode die voor kinderen onveilig aanvoelt. Door een echtscheiding raken kinderen een stuk zekerheid kwijt, terwijl bij oma en opa alles hetzelfde is gebleven en het familiegevoel gewoon doorgaat. Ook zijn de grootouders belangrijk, omdat ze het verlengstuk zijn van de afwezige ouder, vaak de vader. De kinderen zijn papa misschien kwijt, maar bij oma en opa zijn ze weer even met hem verbonden. Dat is bijzonder prettig voor kinderen.